Afgelopen zondag was ik in de Stadsschouwburg van Utrecht waar een voor Nederland unieke voorstelling was: een geënsceneerde Johannes Passion. Nog nooit werd Bachs meesterstuk in Nederland in combinatie met toneel uitgevoerd.
De recensies waren zeer enthousiast. Ikzelf? Ik was terughoudend. Een groot liefhebber ben ik van Bachs passions, en het liefst op zo traditioneel mogelijke wijze uitgevoerd. Niet te snel, gedragen, zonder al te veel interpretatie van de dirigent.
Zie hier de trailer van de Reisopera:
Ik vond het indrukwekkend. Centrum van de voorstelling was het ‘Es ist volbracht’ waar Jezus zijn laatste kruiswoord spreekt en de geest geeft. Ook zonder toneel is dit aangrijpend.
De Reisopera heeft zich niet op glad ijs begeven door het passieverhaal één op één te willen naspelen. Er zijn passende metaforen gekozen om het verhaal kracht bij te zetten. Evangelist Johannes speelt de hoofdrol als bedachtzame, invoelende en oplettende geschiedschrijver.
Symbool voor de krachtige metaforen die gekozen waren stonden de drie kruisen van Golghota die geen kruisen waren. Ruwhouten palen waar Jezus niet aan genageld was maar naast stond.
Muzikaal was de uitvoering dik in orde, het orkest speelde weliswaar snel maar superstrak, heel netjes en niet te emotioneel. Aan de solisten kon je merken dat het operazangers zijn, er was heel wat vibratie. Maar: prachtige stemmen.
Een bijzondere belevenis om het passieverhaal zo tot leven te zien komen. Ook wel metafoor voor een maatschappelijke ontwikkeling: van omstreden (naspelen van bijbelse figuren, kan dat wel?) naar uitvoeren in een kerk met het lijden en de schuld van de wereld in het middelpunt uiteindelijk naar een mooi verhaal, uitgebeeld in muziek en beeld. De Johannespassion als toonbeeld van de secularisatie.
Hoe dan ook, door deze type ‘innovatie’ zullen de passions nog lang blijven worden uitgevoerd. En dat maakt mij blij.